16 Juni 2026 –
Bij MNEXT wil men langdurig en op afstand temperatuur en luchtvochtigheid meten in experimentele gebouwen. MNEXT is het Center of Expertise in materialen- en energietransatie en onderdeel van Avans University of Applied Sciences en HZ University of Applied Sciences. Eén van de recente projecten gaat over 3 gebouwen, waar isolatie en bouwmaterialen op heel verschillende manieren zijn toegepast – en waar je dus wilt weten hoe vocht en warmte zich over de tijd gedragen. Daarvoor zitten er twaalf (4 per gebouw) sensoren vast ingebouwd. HTD3X-THE-H-5M, van Elitech welke zowel temperatuur als luchtvochtigheid meet. Deze sensor is voorzien van een Mini-DIN connector met vier pinnen. De sensoren zitten vast gemonteerd in de toegepaste isolatie- en bouwmaterialen. Deze gaan er niet meer uit. Dat is het probleem niet. Het probleem zijn de loggers.
Het zijn Elitech RCW-360Pro’s, en die hebben geen mini-DIN ingang. Die hebben een 3,5mm jack. Een koptelefoonplug, vier contacten, TRRS. De -H sensoren horen bij de 360 Plus. De Pro wil de -R variant, met jackplug. Logisch bedacht door Elitech, alleen niet handig als je sensoren al vast in de constructie zitten. Een nieuwe probe inkopen is niet de oplossing – de bestaande probes zitten onder de grond en achter isolatie in de muren, die kun je niet vervangen. Dus er is maar één weg: zelf een verloopstekker maken. Mini-DIN naar TRRS. Eén detail: niemand weet hoe die mini-DIN bedraad is. Geen datasheet, geen pinout, niks online. De leverancier geeft geen gehoor op mijn verzoek op inzicht in bedrading en ondersteuning van de toegepaste sensor in de aanwezige firmware. Dus ik zoek het zelf uit.
De multimeter eerst
Vier pinnen, vier mogelijke functies. Bij een digitale sensor zijn dat er altijd dezelfde: voeding, massa, en twee datalijnen. Ik hoef alleen te weten welke pin welke is. Ik zet de multimeter op weerstand en meet alle pinparen door.

Dat levert een matrix op:
– pin 1 naar pin 2: 10K
– pin 1 naar pin 3: 10K
– pin 2 naar pin 3: 20K
– alles naar pin 4: 7M
Daar zit de kern van de oplossing al in opgesloten. Pin 1 heeft 10K Ohm naar zowel pin 2 als pin 3. En tussen pin 2 en pin 3 meet ik 20K Ohm- precies de som van die twee. Dat is geen toeval. Dat is de signatuur van twee I2C pull-ups naar een gemeenschappelijk punt. Pin 1 is dat punt. Pin 1 is de voeding. Pin 4 meet 7M Ohm naar alles. Dat is zo goed als open. Geen pull-up, geen pad. Dat is massa. De kleur bevestigt het – zwart is altijd massa.


Daarmee ligt de pinout vast:
– pin 1, bruin: VDD
– pin 2, rood: SCL
– pin 3, oranje: SDA
– pin 4, zwart: GND
Welke datalijn SCL is en welke SDA, dat kan de multimeter niet zien. In rust zijn ze identiek. Dat onderscheid komt later.
0x44 I2C address – Sensirion SHT3x familie

Tijd voor de Arduino. Ik prik bruin op 5V, zwart op GND, en de twee datalijnen op A4 en A5. Dan een I2C scanner erover.
Scanning…
I2C device found at address 0x44 !
done
0x44. Dat is het standaard adres van de Sensirion SHT3x familie. De “3X” in HTD3X was dus geen marketing – er zit gewoon een SHT3x in. En omdat de scanner antwoord krijgt, weet ik meteen dat mijn voeding klopt en dat ik SDA en SCL niet heb omgewisseld. Eén meting, drie zekerheden.
Uitlezen van de sensordata

Een gevonden adres is nog geen werkende sensor. Dus ik laad de ArtronShop_SHT3x bibliotheek en lees uit.
#include <ArtronShop_SHT3x.h>
ArtronShop_SHT3x sht3x(0x44, &Wire); // ADDR: 0 => 0x44, ADDR: 1 => 0x45
De seriële monitor begint te lopen. Temperatuur en vochtigheid, netjes, stabiel, plausibel. Ik blaas tegen de sensor en het vocht loopt op. Ik heb een aantoonbaar werkende probe met een bekende pinout. Voor het projectdossier richting de klant is dat goud waard.
De TRRS-kant
Nu de andere helft. De mini-DIN ken ik. De jack op de RCW-360Pro nog niet – en die bepaal ik niet, die bepaalt de logger. Mijn adapter moet doen wat de Pro verwacht, niet andersom. De sleeve, het buitenste contact, is bijna altijd massa. Dat is de audiostandaard en dat is mijn vertrekpunt. Voor de rest pak ik de scope erbij. De Tektronix op single-shot, op elk contact prikken, en kijken waar 3,3V verschijnt en waar de klok loopt. De Pro schakelt de probe-voeding alleen in tijdens een meting, dus met alleen een multimeter zie je daar niks – de scope laat het wel zien.

Massa op de sleeve, voeding gevonden, de twee datalijnen gevonden. SCL is de regelmatige klok, SDA het onregelmatige datasignaal. Verwissel je die twee, dan gebeurt er niks ergs – alleen geen communicatie. Dus dat is veilig uitproberen. Ik soldeer, ik test, en als het stil blijft draai ik de datalijnen om. Eén regel houd ik strak aan: VDD en GND moeten kloppen. Daar zit geen marge. Bruin op voeding, zwart op massa, driemaal nagemeten voordat ik de stekker in de logger duw. Verwissel je die, dan rook je de SHT3x op. De rest mag fout – dit niet.
In beide datalijnen zet ik een serieweerstand van 100 ohm. Die vangen de korte sluitingen op die je krijgt als de tip bij het insteken langs alle contacten sleept. Op een I2C bus met meters kabel merk je er niks van.

Het moment
Stekker in de Pro. Scherm aan…
25,9 graden. 49,9 procent.

Hij leest uit. De RCW-360Pro denkt dat er een keurige -R probe aan hangt, en haalt zijn temperatuur en vocht uit een sensor die volgens de fabrikant niet compatibel is. Voor de zekerheid hang ik een tweede logger aan een tweede adapter. Ook die loopt. 24,0 en 50,0.

Twaalf sensoren vast ingebouwd, de verkeerde stekker, geen pinout, en toch een werkend systeem. Geen nieuwe probes, geen sloopwerk, geen klant die opnieuw moet investeren. Een verloopstekkertje en een middag met de multimeter en de scope.
De volgende stap is twaalf adapters bouwen die hetzelfde doen, elk individueel doormeten en labelen, en de overgang waterdicht afwerken – want sensoren in een constructie betekent vocht, en mijn adapter mag niet het zwakke punt worden. Maar het principe staat. En dat is het moeilijke deel.
Wat heb ik gebruikt
– Multimeter (weerstandsmeting voor de pinout)
– Arduino Uno + I2C scanner
– ArtronShop_SHT3x bibliotheek
– Tektronix TBS 1052B oscilloscoop
– Elitech RCW-360Pro-DC logger (×2)
– Elitech HTD3X-THE-H-5M probe
– Mini-DIN 4-pins female connector
– 3,5mm TRRS plug
– Breadboard met Dupont-stekker
– 2× 100 ohm serieweerstand
– Soldeerbout, krimpkous, een notitieboek vol matrixjes
Wat ik hiervan leer
Dat een datasheet niet nodig is om een sensor te begrijpen. De waarheid zit in de metingen. Drie weerstandswaarden – 10K, 10K, 20K – en het hele I2C-verhaal ligt open. Geen documentatie, geen support-ticket. Een multimeter en goed nadenken over wat die getallen betekenen. En dat “niet compatibel” een keuze van de fabrikant is, geen natuurwet. De -H en de -R zijn dezelfde SHT3x. Alleen de stekker verschilt, en het prijskaartje. Wie de connector durft door te meten, ziet dat de grens kunstmatig is.

Waarom ik dit leuk vind
Dit is speurwerk. Je krijgt geen handleiding, je krijgt een raadsel. En het mooiste moment is niet als het werkt – het is als 0x44 op het scherm verschijnt en je in één klap weet dat je gok klopt. Voeding goed, datalijnen goed, sensor leeft. Drie zekerheden uit één regel tekst. Het zit precies op het snijvlak waar ik graag werk: een beetje elektronica, een beetje code, een stekker die je zelf soldeert. Geen abstractie, geen simulatie – een echt ding dat aan het eind van de middag een temperatuur teruggeeft die klopt.
En er is de praktische kant. De klant hoeft niets uit te breken, niets te vervangen, niet opnieuw te investeren. Twaalf sensoren die al vastzaten, doen gewoon weer mee. Een verloopstekkertje tussen “onmogelijk” en “het draait”. Daar doe ik het voor.
