26 Januari 2026 –
Training voor docenten bij Koning Willem I College HTA
Vandaag geef ik training aan acht docenten van het Koning Willem I College – Het Talent Atelier (KW1C HTA). Binnen het HTA werken studenten onder begeleiding met 3D-printers, lasersnijders en VR-technologie aan echte opdrachten voor echte opdrachtgevers. Studenten uit verschillende MBO-opleidingen vormen teams en combineren theorie met praktijk, met veel ruimte voor moderne technieken.

Docenten uit vier verschillende locaties
De groep komt uit ’s-Hertogenbosch, Veghel, Oss en Cuijk. Het doel van vandaag is iedereen op een gelijk basisniveau te brengen op het gebied van 3D-printen en lasersnijden. Er wordt gewerkt met Bambu X1C 3D-printers en MetaQuip lasersnijders. Het kennisniveau blijkt uiteen te lopen: van geen ervaring tot meerdere jaren praktijk. Dat geldt voor zowel 3D-printen als lasersnijden.
Praktisch leren staat vandaag centraal
Daarom kies ik voor een sterk praktijkgerichte aanpak. Minder theorie, meer doen. Waar nodig grijp ik terug op standaard trainingsmateriaal, maar de focus ligt op voorbeelden en zelf werken met de apparatuur. De gebruikelijke SPARK-training richt zich op Ultimaker en Cura, maar hier werken ze met Bambu-printers. Vandaag trainen we dus met Bambu Studio.


Van download naar eerste 3D-print
Ik laat zien hoe je printfiles downloadt via platforms als Thingiverse of Cults3D. We kiezen een flexibele dino, pakken het bestand uit en laden het in Bambu Studio. Stap voor stap lopen we alle voorbereidingen door. Aan de hand van voorbeelden leg ik begrippen uit als overhang, laagdikte, rafts, brims, skirts en infill. Met de 3DBenchy en de Cali Cat laat ik zien hoe je beoordeelt of een printer goed afgesteld staat. Ook bespreken we materialen en toepassingen. Vlak voor de lunch start de eerste docente haar print. Daarmee is het eerste deel afgerond.
Van vector naar lasersnijder
Na de lunch duiken we de lasersnijder in. Er wordt gewerkt met MetaQuip-machines, aangestuurd via RDWorks. We starten bij de basis: pixel versus vector. Leerlingen blijken allerlei soorten software te gebruiken: SketchUp, Autocad, Canva, Illustrator, Inventor. Daarom besluit ik het standaard open-source vectorpakket Inkscape in te zetten. In Inkscape maken de deelnemers een eigen vectorbestand. Dat nemen we mee naar de machine. Het hele traject van tekening tot snijklaar bestand wordt zo snel inzichtelijk.


Instellingen, materialen en veiligheid
Terug in de trainingsruimte bespreek ik het effect van snelheid en laservermogen. We lopen door de materialen die geschikt zijn voor de lasersnijder en behandelen de veiligheidsmaatregelen. Dat fundament moet gewoon goed zitten.

Sleutelhangers en een glazen wow-moment
Dan gaat iedereen zelf aan de slag met het maken van gepersonaliseerde sleutelhangers. Binnen no-time komen er exemplaren uit hout en acrylaat uit de machine. Het enthousiasme groeit zichtbaar. We schakelen een tandje op en gaan graveren in glas. Logo en tekst worden voorbereid, een theeglas gaat op het graveerbed, instellingen worden samen bepaald. Twee minuten later is het glas gegraveerd. Zo’n moment waarop techniek ineens magie wordt.

Enthousiasme dat blijft hangen
Terug in de trainingsruimte herhalen we materialen, veiligheid en experimenteermogelijkheden. De groep is duidelijk geïnspireerd en wil de volgende dag direct zelf met de 3D-printers en lasersnijders aan de slag. Bij de koffieautomaat hoor ik de bevestiging: kennis én enthousiasme zijn overgedragen.


Waarom dit soort trainingen zo werken
Dit zijn de mooie dagen. Een groep met noodzaak én interesse zorgt voor een praktische aanpak en nieuwe inzichten. Vandaag precies zo’n dag. Met een enthousiaste blik sluiten de deelnemers de training af.

