14 Augustus 2026 –
Voor € 4,99 belooft dit kastje me te waarschuwen voor griep, schimmel en hitte. Drie gezondheidsclaims op één klein doosje. Dat is nogal wat voor een prijs waar je nog geen broodje bij de bakker voor krijgt. Ik geloof er niks van, dus besluit ik hem te kopen en te gaan onderzoeken. Thuisgekomen maak ik de verpakking direct open en haal ik mijn schroevendraaierset erbij. Ik schroef het kastje open. Niet om hem te repareren – hij doet het prima – maar om te zien wat die waarschuwingen nou eigenlijk stuurt.
Wat het ding beweert
Op de doos staat het groot: temperatuur, luchtvochtigheid, een vijf-sterren oordeel over het ruimteklimaat, en een dauwpuntindicator. Bovenin het scherm drie woorden die de aandacht trekken: FLU, MOULD, HEAT. Griep, schimmel, hitte. Daaronder een rij symbolen van TOO WET tot TOO DRY, met een sterrenscore ertussen. Het suggereert intelligentie. Het meet twee dingen.

Opengemaakt in twee minuten
Geen lijm, geen clipjes die breken, geen verborgen schroeven onder stickers. Batterijklepje eraf, twee AAA-tjes eruit, vier schroeven los met een PH00, en de behuizing valt open. Fijn – dit is hoe je een apparaat ontwerpt dat je nog wilt kunnen openen.


Wie maakt dit eigenlijk
Op de achterkant het echte adres achter het merk: digi-tech gmbh in Eppstein, Duitsland, met een inter-quartz mailadres. Livarno is Lidl’s huismerk, maar het ontwerp komt hier vandaan. Modelnummer 4-LD7105-1, IAN 485920_2501. Handig om te noteren voor als ik later de handleiding of een reserveonderdeel zoek.

Eén simpele print
Binnenin precies wat je voor dit geld verwacht: één enkele print met de zeefdruk DM3631B MAIN PCB, REV:0.0, gedateerd 20250113. Twee batterijklemmen direct op de print, een dun kabeltje naar de indicator-LED, en vijf schroefjes die de print op zijn plek houden. Het LCD zit met een zebra-connector tegen de print aan – dat elastische streepje met afwisselend geleidende en isolerende laagjes. Geen soldeer, gewoon druk.

De zwarte druppel doet alles
Het brein is een chip-on-board: een kale die, direct op de print gebonded en afgedekt met een druppel zwarte epoxy. Geen typenummer, geen datasheet, niks om op te googelen. Dat is meteen het einde van elke chip-niveau reverse engineering – je kunt een blob nu eenmaal niet ondervragen. Ernaast een 32,768kHz kristal voor de klok en vier knoppen (UP/MAX/MIN, DOWN/C/F, ALERT/ON/OFF, SET/DEW POINT), uitgevoerd als metalen dome-contacten onder een transparante folie. Verder is deze kant leeg. Geen testpunten, en geen UART, SWD of ISP-header die om een logic analyzer of programmer vraagt. Wie hier had willen meeluisteren, kan naar huis.

De twee sensoren, allebei zo goedkoop mogelijk
En hier wordt het interessant. De temperatuur komt van een klein bolletje bij RT1 – een NTC of PTC, het soort thermistor dat je ook in een 3D-printerkop vindt. Een weerstand die met temperatuur verloopt, meer niet. De blob leest hem uit als spanningsdeler en rekent terug naar graden. De behuizing zit vol ventilatiesleuven zodat er lucht bij kan.
De luchtvochtigheid komt van een plat, vlak keramisch plaatje op een los tweepins-connectortje bij RH1. Een capacitief of resistief vochtelement waarvan de waarde met de omgevingsvochtigheid meebeweegt. Ook hier: analoog, ongelabeld, zo goedkoop als het maar kan.
Twee losse analoge elementen dus. Geen digitale sensor zoals een SHT of AHT die netjes gekalibreerde getallen over I2C aanlevert. Alles hangt af van hoe die blob die twee ruwe signalen interpreteert.


die de temperatuur levert.
Het complete plaatje – temperatuur, vocht én dauwpunt in één grafiek
Deze grafiek vat samen wat het kastje probeert te doen, maar dan compleet. Temperatuur langs de onderkant, luchtvochtigheid langs de zijkant, en het groene eiland in het midden is de comfortzone: ongeveer 15-28 °C bij 40-70% luchtvochtigheid. Linksonder wordt de lucht te droog (irritatie, statische elektriciteit), linksboven te vocht (schimmel en condens), en rechts te warm. Precies de TE DROOG / TE VOCHT / TE WARM-driedeling die de Livarno met zijn FLU-, MOULD- en HEAT-icoontjes naspeelt. Het voorbeeldpuntje – 23,4 °C bij 56% – valt netjes in het groen, goed voor viereneenhalve ster.
Wat deze versie extra laat zien, zijn de dauwpuntlijnen: de gestreepte diagonalen. Het dauwpunt is de temperatuur waarbij vocht uit de lucht neerslaat. Zakt een koud oppervlak (raam, koudebrug) onder die waarde, dan krijg je condens – en daar begint schimmel. Niet toevallig zit er op het kastje een aparte SET DEW POINT-knop: het rekent datzelfde dauwpunt uit temperatuur en vocht, alleen zonder de mooie grafiek eromheen.

Het verschil met het doosje van 4,99 zit in de onderbouwing. Deze zones leunen op ASHRAE 55, de WHO-richtlijnen en DIN EN ISO 7730, het echte comfortmodel. De Livarno benadert datzelfde met een paar drempels in een naamloze blob. Voor een grove indicatie is dat prima, maar de nuance zit hier in het plaatje, niet in het apparaat.
Waarom ik niet verder kom
Aan de andere kant van de print zit nog een handjevol componenten – een paar SMD-onderdelen in de hoek. Ik zou de print willen omdraaien om ze te bekijken, maar dan moet de zebra-connector tussen print en LCD los. Die dingen zijn fragiel en zitten alleen op druk. Eén keer scheef terugleggen en je display doet het niet meer. Voor een teardown die ik nog wil kunnen terugbouwen laat ik dat risico liggen.

Mooi, maar kwetsbaar.

Wat sturen die gezondheidswaarschuwingen nou echt
Nu de architectuur op tafel ligt, valt de mystiek weg. Er zijn twee metingen: een temperatuur en een vochtigheid. Alle “intelligentie” – de sterren, de TOO WET/TOO DRY-schaal, en FLU, MOULD, HEAT – is niets meer dan drempelwaarden die de blob op die twee getallen loslaat. Griep: waarschijnlijk gewoon een ondergrens op de vochtigheid, want griepvirus houdt van droge lucht. Schimmel: een bovengrens op vochtigheid. Hitte: een combinatie van hoge temperatuur en vocht, de klassieke hitte-index. Geen sensor voor virussen, geen sporenteller. Comparatoren met een gezondheidssausje eroverheen.
Dat is niet eens erg. Als de onderliggende meting klopt, is een vochtdrempel een prima proxy voor schimmelrisico. De vraag is dus niet of de logica slim is – dat is ze niet – maar of die twee goedkope analoge elementen wel meten wat ze beweren.
Kan ik er iets mee hergebruiken?
Eerlijk antwoord: weinig. De thermistor bij RT1 kun je aftappen en met een ESP32 uitlezen zoals elke 3D-printer-NTC, en de zebra-truc met het LCD is leuk studiemateriaal. Maar een AHT20 of BME280 kost bijna niks, meet beter, en praat direct digitaal. Dit kastje slopen voor zijn onderdelen is zonde van een werkend apparaat.
De echte winst is kennis. Ik weet nu dat een weerstation-met-gezondheidsclaims van € 4,99 neerkomt op een NTC, een vochtplaatje, een naamloze blob en een paar drempels. Dat is precies het soort ontnuchtering waar hier om draait: eerst begrijpen wat er werkelijk gebeurt, voordat je een claim gelooft.
En dat laat één vraag open: kloppen die twee metingen eigenlijk wel? Dat ga ik binnenkot meten – met verzadigde zoutoplossingen als vaste ijkpunten en mijn BME688 ernaast als referentie. Maar dat is een blog voor een andere keer.
Wat heb ik gebruikt
– Lidl Livarno Room Climate Monitor 4-LD7105-1 (IAN 485920_2501)
– Precisie-schroevendraaier PH00 (Wera 805-PH 00)
– Dunne platte tool om de naad mee los te wippen
– Macrolens voor de close-ups
– 2x batterijen TRONIC AAA/LR03

