Vandaag geef ik de workshop Lasersnijden voor de SPARK Campus

21 Januari 2026 –

Opstart: trainingsruimte klaarzetten
Ik start de dag vandaag met het inrichten van de trainingsruimte voor de workshop lasersnijden. Vanochtend staan er 4 deelnemers op de planning — waarvan er drie eerder deze week ook al meededen aan de workshop 3D-printen. Een mooie mix van makers, zelfstandigen en studenten.

Waarom mensen meedoen
Wat ik altijd leuk vind: even peilen wat ieders drijfveer is om mee te doen aan dit soort workshops. Studenten geven vaak aan dat ze het vooral praktisch vinden: toepasbaar voor projecten, spuugmodellen of prototypes. En prettig dat ze kunnen uitwijken naar een locatie met apparatuur, buiten school om. Zelfstandigen kijken meestal direct naar toepassingen in de dagelijkse praktijk: hulpgereedschap, tooling of onderdelen voor projecten die ze moeten opleveren. Particulieren zijn vaak gewoon nieuwsgierig naar nieuwe technieken — en willen ontdekken of ze zichzelf hiermee verder kunnen ontwikkelen.

Werken met niveaus: zelfstandig of ondersteund
In de training begin ik met het uitleggen van de verschillende niveaus waarop je kunt werken met de lasersnijders: van volledig zelfstandig tot onder toezicht. Dat hangt af van kennis, ervaring én vooral het materiaal dat je wilt gebruiken:
– Bij niveau 1 kan iemand zelf bestanden voorbereiden en deze ter controle aanbieden aan labbeheer.
– Bij niveau 2 mag de maker zelfstandig gebruik maken van de lasersnijder met basismaterialen.
– Wil iemand experimenteren met andere materialen, dan vallen die onder niveau 3 t/m 5, afhankelijk van het risico en de eigenschappen van het materiaal.

Materiaalindeling
Niveau 2 (standaard materiaal)
– Multiplex (populier of berken)
– GS acrylaat
Niveau 3–5 (alleen met extra afstemming)
– Onbewerkt leer
– Papier/karton
– Onbewerkt hout (bijv. een tak uit het bos)
– Spiegel (graveren aan de achterzijde)
Niet verwerkbaar
– Brandbare materialen
– Vloeistoffen of fijnstof
– Reflecterende voorwerpen
– XT acrylaat
– Bewerkt / geïmpregneerd / gelakt / gecoat hout

Van techniek naar praktijk: de lasersnijder van binnen bekijken
Na de uitleg over de verschillende lasersnijtechnieken — CO₂, Fiber, Diode en UV — leg ik uit dat je bij een lasersnijder in feite altijd te maken hebt met een XYZ-as. Omdat we op de SPARK Campus werken met CO₂-lasersnijders, vertel ik hoe deze machines spiegels gebruiken om de laserstraal zo precies mogelijk te positioneren. En om het vooral niet abstract te maken, neem ik de deelnemers mee naar de MetaQuip lasersnijder. Daar laat ik zien:
– waar de CO₂ laser tube zit
– hoe de spiegels zijn gemonteerd
– wat de XYZ-assen exact doen
– hoe het focussen van de laser werkt
– waar de console zit om de machine te bedienen

Vectorbestanden: snappen wat de machine “ziet”
Een lasersnijder wordt aangestuurd met vectorbestanden. Daarom is het belangrijk dat deelnemers begrijpen hoe dat werkt: de machine kijkt niet naar lijndiktes zoals je gewend bent in tekenprogramma’s — het is vooral lijn = actie. Om dat snel inzichtelijk te maken gebruiken we Inkscape: een open-source tekenpakket dat draait op Windows, Apple OSX, Linux en nog veel meer. Inkscape heeft best een steile leercurve, dus ik beperk het bewust tot precies de knoppen die je nodig hebt om een eenvoudig testbestand te maken. Met dat testbestand lopen we naar de lasersnijder, en laat ik zien hoe de machine het bestand interpreteert. Dan is in één keer duidelijk: vectoren kennen geen lijndiktes en ook geen “vulling” zoals je die visueel ziet.

Van ontwerp naar machine: RXWorks
Daarna stappen we over naar de aanstuursoftware: RXWorks. Deze software is vrij beschikbaar en werkt goed samen met de stuurconsole van de lasersnijders op de SPARK Campus. Ik leg uit wat de belangrijkste instellingen betekenen: snelheid, laservermogen, interlinie (o.a. relevant bij graveren). Met testkaartjes in hout en acrylaat laat ik zien hoe je snel kunt bepalen welke instellingen goed werken voor: snijden, taggen, graveren.

Opdracht: maak je eigen sleutelhanger
Vervolgens krijgen deelnemers de opdracht om twee sleutelhangers te maken één in hout en één in acrylaat.
Voorwaarden:
– formaat 20 × 60 mm
– randen en gat moeten gesneden worden
– personalisatie moet gegraveerd worden

Dat gepersonaliseerde deel is altijd leuk: meestal wordt het de naam van henzelf… of van hun kind, hond, kat, opa of oma. Vervolgens gaan ze de sleutelhangers stap voor stap zelfstandig lasersnijden. Zodra de opmaak klaar is, doorlopen deelnemers individueel het hele proces:
– bestand inlezen
– instellingen checken met testkaartjes
– file downloaden naar de lasersnijder
– machine openmaken
– controleren of er geen werkstuk op het bed ligt
– materiaal plaatsen
– autofocus / hoogte instellen
– startpunt positioneren
– afzuigventilator aan
– snij-opdracht starten

Resultaat: van spanning naar trots
Alle deelnemers weten uiteindelijk succesvol hun sleutelhangers te snijden én te graveren in 3 mm populierenhout en gekleurd acrylaat. In het begin is het altijd even spannend, maar zodra de stappen één keer onder begeleiding goed zijn doorlopen, weet iedereen de startknop zonder twijfel te vinden en het lasersnijproces gecontroleerd te laten verlopen. En daarna gebeurt het vaste ritueel: binnen een paar ogenblikken ligt er ineens een zelfontworpen sleutelhanger op tafel. Altijd mooi om te zien hoe tevreden en enthousiast iedereen daarvan wordt.

Waarom ik dit zo leuk vind om te doen
Dit soort workshops zijn leuk om te faciliteren. Ik neem altijd zoveel mogelijk voorbeelden mee van eigen projecten, zodat deelnemers meteen zien wat er allemaal mogelijk is — en vooral: wat er haalbaar is. Die stal ik uit op de tafel, vlak voor de grote monitor. De drempel voor vragen houd ik bewust zo laag mogelijk. Geen enkele vraag is irrelevant. En het blijft verrassend hoeveel nieuwe ideeën en mogelijkheden deelnemers zichzelf al zien maken in de nabije toekomst.